top of page

Kelly McAlinden Group

Public·15 members
Christian Dorofeev
Christian Dorofeev

Meneer Ibrahim Bloemen Van De Koran Pdf


1 Monsieur Ibrahim et les fleurs du Coran Zwg door Dorine Zeker Weten Goed Zeker Weten Goed 25 June 2015 Auteur Genre Éric-Emmanuel Schmitt Coming of age Eerste uitgave 2002 Uitgever Atlas Pagina's 94 Feitelijke gegevens 1e druk, pagina's Uitgeverij: Atlas Flaptekst 'Hoe lukt u dat toch, meneer Ibrahim, om gelukkig te zijn?' 'Ik weet wat er in mijn koran staat.' 'Misschien moet ik uw koran maar eens inpikken. Ook al hoor je dat niet te doen als je joods bent.' 'Ach Momo, wat zegt jou dat nou, joods zijn?' 'Weet ik veel. Voor mijn vader betekent het de hele dag somber zijn. Voor mij.. is het alleen maar iets waardoor ik niet iets anders kan zijn.' Meneer Ibrahim stak me een pinda toe. 'Je hebt geen goede schoenen, Momo. Morgen gaan we schoenen kopen.' In het Parijs van de jaren zestig van de vorige eeuw raakt Momo, een joods jongetje van twaalf jaar, bevriend met de oude Arabische kruidenier in de rue Bleue. Er ontrolt zich een prachtig verhaal dat de grenzen van de religies overstijgt. Eerste zin Toen ik elf was, heb ik mijn varken kapotgeslagen en ben ik naar de hoeren gegaan. Samenvatting Toen de joodse jongen Momo elf was ging hij voor het eerst naar de hoeren, hij wilde een man worden. Pagina 1 van 8




meneer ibrahim bloemen van de koran pdf


Download Zip: https://www.google.com/url?q=https%3A%2F%2Fjinyurl.com%2F2u5hXb&sa=D&sntz=1&usg=AOvVaw3XD-iYi1KOPRC25R9GaKBd



2 Het was rond dezelfde tijd dat hij meneer Ibrahim leerde kennen. Hij was de Arabier in de straat en had een winkel waar je van alles kon vinden. Momo steelde eten uit zijn winkel. Meneer Ibrahim wist dat wel en zei tegen Momo dat hij liever heeft dat hij bij hem steelt dan bij iemand anders. Daarom kreeg Momo af en toe wat eten van meneer Ibrahim en kwam vaak bij hem langs. Hij bouwde daardoor een band op met hem. Momo moet voor zichzelf en zijn vader zorgen. Zijn vader zit vaak depressief in zijn stoel en leest één van zijn boeken. Momo krijgt van hem geld om eten te kopen, maar het is heel weinig. Daarom is hij genoodzaakt af en toe eten te stelen. Momo's vader voert niet vaak gesprekken met hem. Als zijn vader tegen hem praat gaat het vaak over Popol, de broer van Momo. Popol was een fantastische jongen volgens Momo's vader, daar zou Momo nooit aan kunnen tippen. Hierdoor voelt Momo zich nog minder gewaardeerd door zijn vader. Ondertussen begint de band tussen Momo en meneer Ibrahim steeds sterker te worden. Ze maken wandelingen, praten veel en Momo leert over de koran en de soefibeweging waar meneer Ibrahim bij hoort. Meneer Ibrahim wordt voor Momo echt zijn steun en toeverlaat en hij heeft hemook erg nodig als zijn vader plotseling weg gaat. Hij kan bij meneer Ibrahim als Momo's vader vertrekt. Hij is ontslagen van zijn werk en ziet het niet meer zitten. Hij laat Momo achter met het restje geld dat hij nog over had. Momo vindt het verschrikkelijk dat hij in zijn leven twee keer in de steek gelaten is, de eerste keer door zijn moeder en de tweede keer door zijn vader. Daarom houdt Momo de schijn op dat zijn vader er nog steeds is, maar meneer Ibrahim heeft al snel door dat zijn vader niet meer thuis is. Dat wordt al helemaal duidelijk als er politiemannen op de stoep staan om aan Momo te vertellen dat zijn vader zelfmoord heeft gepleegd. Niet lang daarna komt een vrouw Momo opzoeken. Ze zegt dat ze de moeder van Mozes is. Momo heeft zin in een geintje en zegt tegen zijn moeder dat Momo een afkorting van Mohammed is, terwijl hij heel goed weet dat dit zijn moeder is. Hij vraagt zijn moeder naar de broer van Mozes, Popol, maar de vrouw zegt dat ze voor Mozes nooit een zoon heeft gehad. Hier schrikt Momo enorm van. Omdat Momo nu alleen woont en geen vader meer heeft belsuit Meneer Ibrahim Momo te adopteren en de moeder van Momo gaat gelukkig akkoord. Samen besluiten meneer Ibrahim en Momo dat ze naar het vaderland van meneer Ibrahim zullen reizen. Ze kopen een auto, waarbij meneer Ibrahim een rijbewijs laat zien dat eigenlijk een arabisch briefje van een vriend is. Meneer Ibrahim betaald contant en krijg de auto direct mee. Als ze eenmaal in de auto zitten weet meneer Ibrahim niet hoe hij deze moet besturen. Momo vraagt of het niet in de koran staat; hoe je een auto moet besturen. Hierop moet meneer Ibrahim lachen. Hij zegt dat de koran geen gebruiksaanwijzing is. Uiteindelijk lukt het Momo en meneer Ibrahim de auto goed te besturen. En kunnen ze op weg. Onderweg verbaast Momo zich over de pracht van alle landen waar ze doorheen komen. Meneer Ibrahim wijst hem op de geur van elk land. Ze doen ook spelletjes waarbij Momo met zijn ogen dicht een godshuis binnen moet lopen en dan aan de geur moet raden of het een katholieke kerk, een synagoge of bijvoorbeeld een moskee is. Als ze er bijna zijn wil meneer Ibrahim eerst zelf even polshoogte nemen in het dorp waar ze naartoe gaan. Momo blijft wachten bij een boom. Hij wacht heel lang en gaat dan toch lopen naar het volgende dorp omdat hij zich afvraagt wat er gebeurt is. Daar komen mensen op hem af rennen en nemen hem mee naar meneer Ibrahim die een ongeluk heeft gehad met de auto. Meneer Ibrahim overlijdt daar aan zijn verwondingen en Momo gaat, na veel tijd doorgebracht te hebben met Abdoellah, een vriend van meneer Ibrahim, weer terug naar Parijs. Meneer Ibrahim wordt in zijn geboorteland begraven; op zijn sterfbed gaf hij zelf aan dat hij klaar was om te sterven, hij heeft een goed leven gehad. Pagina 2 van 8


3 Terug in Parijs merkt Momo dat hij al het geld van meneer Ibrahim geërfd heeft, inclusief zijn kruidenierswinkel en koran. Voorzichtig haalt hij het boek uit de envelop van de notaris. Hij zal eindelijk ontdekken wat erin staat. In de koran zitten twee gedroogde bloemen en een brief van zijn vriend Abdoellah. Momo trouwt, krijgt kinderen en wordt de nieuwe arabier van de straat. Hij gaat elke maandag bij zijn moeder en haar man eten met zijn vrouw en kinderen, maar doet nog steeds alsof hij Mohammed heet. Zijn kinderen noemen zijn moeder oma, en hij ziet aan haar dat ze daar helemaal blij van wordt. Hij laat het maar zo. Personages Momo Momo is een jongen die in de leeftijd is dat hij een man aan het worden is. Hij neemt het in zijn eigen handen en gaat naar de hoeren, kookt eten en doet alsof zijn vader nog thuis is. Hij vindt veel steun bij meneer Ibrahim. Momo is een rustige jongen die veel nadenkt over dingen in het leven. Hij trekt conclusies over wat hij meemaakt en gebruikt dit: hij merkt bijvoorbeeld dat het erg goed werkt als je glimlacht tegen iemand en gebruikt dit waar hij kan. Momo voelt zich niet gewaardeerd door zijn vader en vindt het verschrikkelijk dat hij meerdere keren in de steek wordt gelaten door zijn ouders. Momo leert snel en pikt enorm veel op als hij bij meneer Ibrahim is. Hij is erg nieuwsgierig en stelt meneer Ibrahim veel vragen over het leven. meneer Ibrahim Meneer Ibrahim is een vriendelijke man die veel levenservaring heeft. Hij heeft geleerd gelukkig te zijn met kleine dingen en brengt zijn kennis over aan Momo. Het is een rustige man die zich niet op stang laat jagen. Hij neemt de tijd om na te denken over zijn antwoorden en begrijpt veel zonder iets gezegd te hebben. Meneer Ibrahim is een man die afgaat op zijn gevoel. Hij kan veel onderscheid maken tussen geuren en verbindt emoties en acties aan geuren. Hij kan bijvoorbeeld een land waarin de mensen heel rustig doen en weinig werken herkennen aan de geur. Hij wordt gelukkig van de geur van bloemen. Quotes "Het verbaasde mij eerlijk gezegd niet zo dat ze geen zin hadden om met mijn vader samen te werken - hij had vast en zeker een deprimerende invloed op misdadigers -, maar tegelijkertijd had ik nooit verwacht dat een advocaat ooit kon ophouden met advocaat te zijn." Bladzijde 43 "Ik zoek Mozes, zei mijn moeder. Het was gek, zoveel moeite als ze ermee had om die naam uit te spreken: alsof ze hem niet uit haar mond kon krijgen. Ik gunde mezelf de luxe om haar eens flink in de maling te nemen. En u bent? Ik ben zijn moeder." Bladzijde 62 Thematiek Geluk/ verlangen naar geluk Het thema van dit boek is geluk en het verlangen naar geluk. In het verhaal streeft Momo naar geluk. Hij is ongelukkig als hij bij zijn vader woont en niet gewaardeerd wordt. Dit ongeluk wordt nog versterkt als zijn vader zelfmoord pleegt. Als hij meneer Ibrahim ontmoet leert hij iemand kennen die wel gelukkig is. Hij stelt hem heel veel vragen over hoe het komt dat meneer Ibrahim zo gelukkig is. Meneer Ibrahim leert Momo veel over de koran. De Pagina 3 van 8


4 koran is voor meneer Ibrahim zijn leidraad naar het vinden van geluk, naar verlossing. Meneer Ibrahim is gelukkig met kleine dingen, wordt gelukkig van de geur van bloemen. Als meneer Ibrahim overlijdt heeft hij Momo zoveel geleerd dat Momo een man is geworden die zelf gelukkig kan zijn. Daarom is geluk het thema van dit boek. Motieven Vriendschap Een belangrijk onderwerp is de vriendschap tussen Momo en meneer Ibrahim. Hun vriendschap overstijgt de cultuurverschillen. Hoewel Momo eigenlijk joods is, trekt hij veel met meneer Ibrahim op. Meneer Ibrahim leert hem veel over de koran en het innerlijke geluk dat hij heeft. Meneer Ibrahim wordt door de hechte vriendschap die ze hebben een leermeester voor Momo en leert hem hoe hij zelf gelukkig kan zijn. Momo kon dit van zijn eigen vader niet leren en daarom is de vriendschap met meneer Ibrahim zo belangrijk voor hem. Puberteit Het feit dat Momo in de puberteit komt is van belang voor dit verhaal. Momo heeft veel aan de adviezen van meneer Ibrahim en groeit op tot een man. Meneer Ibrahim is als een vader voor hem die hem leert om te gaan met zichzelf en het leven. Momo\'s vader kon dit niet voor hem doen, des te belangrijker is meneer Ibrahim. Het leven van Momo wordt beter als hij meneer Ibrahim ontmoet. Momo komt goed terecht door meneer Ibrahim. Motto - Voor Bruno Abraham-Kremer - Het boek is in eerste instantie geschreven als een toneelstuk, gebaseerd op het leven van Bruno Abraham Kremer. Hij vroeg Eric-Emmanuel Schmitt een toneelstuk te schrijven dat ging over zijn jeugd in Parijs met daarin een duidelijke plaats voor zijn relatie met zijn grootvader; Mr. Abraham. In 2001 is het herschreven en uitgegeven als het boek zoals we het kennen. Trivia Dit verhaal is gebaseerd op het leven van Bruno Abraham-Kremer. In dit verhaal is Momo joods en is meneer Ibrahim een aanhanger van de Soefibeweging. In het leven van Bruno was de naam van zijn opa, het karakter waarop meneer Ibrahim gebaseerd wordt, meneer Abraham. Deze naam heeft juist weer veel betekenis binnen de joodse geschiedenis. Personages Momo Momo is een jongen die in de leeftijd is dat hij een man aan het worden is. Hij neemt het in zijn eigen handen en gaat naar de hoeren, kookt eten en doet alsof zijn vader nog thuis is. Hij vindt veel steun bij meneer Ibrahim. Momo is een rustige jongen die veel nadenkt over dingen in het leven. Hij trekt conclusies over wat hij meemaakt en gebruikt dit: hij merkt bijvoorbeeld dat het erg goed werkt als je glimlacht tegen iemand en gebruikt dit waar hij kan. Momo voelt zich niet gewaardeerd door zijn vader en vindt het verschrikkelijk dat hij meerdere keren in de steek wordt gelaten door zijn ouders. Momo leert snel en pikt enorm veel op als hij bij meneer Ibrahim is. Hij is erg nieuwsgierig en stelt Pagina 4 van 8


About

Welcome to the group! You can connect with other members, ge...
bottom of page